Diagnostiek

Laboratoriumbevindingen

  • Gouden standaard: verlaagde activiteit van glucocerebrosidase in leukocyten of fibroblasten met enzymonderzoek
  • DNA-diagnostiek: mutatie-analyse GBA1-gen.

De ziekte van Gaucher type 1 kan worden vastgesteld als er een sterk verlaagde (deficiënte) activiteit van het enzym glucocerebrosidase wordt vastgesteld in perifere leukocyten of fibroblasten. Patiënten hebben bij presentatie ook vaak anemie en trombocytopenie. De diagnose kan worden bevestigd door het aantonen van twee pathologische mutaties in het GBA1-gen.(Beutler and Kuhl 1970)

De diagnose wordt formeel vastgesteld door een verminderde glucocerebrosidase-activiteit in leukocyten of fibroblasten (restactiviteit ongeveer 10-15% van de normaalwaarde) en bevestigd door genotypering. (Beutler and Kuhl 1970) Als het genotype wijst op een hoog risico voor de neurologische vorm van de ziekte van Gaucher, als de patiënt een broer/zus heeft met deze vorm van de ziekte of als bijv. saccadische oogbewegingen van de patiënt afwijkend zijn, is neurologisch onderzoek geïndiceerd.
Als de concentratie glucocerebrosidase normaal is maar klinische aanwijzingen en biomarkers duiden op de ziekte van Gaucher en met name de chitotriosidaseactiviteit of glucosylsphingosineconcentratie zeer hoog is, moet er worden getest op saposine C-deficiëntie. De diagnose kan gesteld worden door sequencing van het PSAP-gen. (Tamargo et al. 2012)

Differentiële diagnose
De differentiële diagnose omvat saposine C-deficiëntie en andere lysosomale stapelingsziekten. Hepatosplenomegalie kan naast de ziekte van Gaucher ook duiden op andere lysosomale stapelingsziekten zoals Niemann-Pick types A, B en C, lysosomale zure lipasedeficiëntie, MPS I, II en VI en oligosaccharidosen. De aanwezigheid van Gaucher-achtige cellen (pseudo-Gaucher cellen) kan ook bij sommige andere chronische, onder andere hematologische, aandoeningen worden gevonden, zoals (Hodgkin) lymfoom en chronische lymfatische leukemie. (Belmatoug 2012; Pastores 2000)

Aanvullend onderzoek

  • Beeldvorming: MRI kan worden gebruikt om botafwijkingen en beenmerginfiltratie vast te stellen. (Maas et al. 2002)
  • Conform behandelingsprotocol om behandelindicatie te beoordelen:
    • bloedbeeld, nierfunctie, leverchemie, eiwitspectrum, M-proteïne, lipidenspectrum, ferritine, haptoglobine, reticulocyten en LDH, vitamine D
    • chitotriosidase-activiteit; bij deficiëntie voor chitotriosidase: CCL18/PARC, glucosylsphingosine
    • diagnostiek naar aanwezigheid 24bp-duplicatie in het chitotriosidase-gen
    • MRI abdomen voor kwantificering van de organomegalie
    • MRI voor diagnostiek naar botziekte en -complicaties (bij volwassenen)
    • quantitative chemical shift imaging of lumbar spine (QCSI) (bij volwassenen)
    • DEXA-scan ter beoordeling aanwezigheid osteoporose (bij volwassenen)
  • Advies t.a.v. onderzoek naar de ziekte van Gaucher bij broers en/of zussen binnen het gezin en exploreren van de stamboom.

Vaststellen uitgangssituatie bij diagnose
Als de diagnose is gesteld, wordt een patiënt op de polikliniek van het expertisecentrum onderzocht door de kinderarts of internist metabole ziekten en de verpleegkundig specialist. Een multidisciplinair team controleert of er specifieke symptomen zijn, zoals botafwijkingen en/of neurologische complicaties.

Prenatale diagnostiek

Prenatale diagnostiek is mogelijk in geval van dragerschap van de partner en kan dan indien gewenst besproken worden met de klinisch geneticus. Hij kan uitleg geven over de procedure en de potentiële risico’s ervan. De ziekte van Gaucher komt op dit moment niet in aanmerking voor pre-implantatie genetische diagnostiek.
Een villusbiopt (vlokkentest in week 10-12 van de zwangerschap) of vruchtwaterpunctie (vanaf week 16 van de zwangerschap) kan worden gedaan om een genetische analyse uit te voeren, maar alleen als het genotype van de ouders bekend is. (Zimran et al. 1995)

Erfelijkheidsadvies
De ziekte van Gaucher wordt autosomaal recessief overgedragen. Erfelijkheidsadvies kan worden gegeven door de hoofbehandelaar of eventueel de klinisch geneticus.

Reageren is niet mogelijk